door Julie Vantomme en Jens Van den Daele
Op 30 december 2025 werd de verzamelwet met diverse bepalingen gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Deze bevat een breed pakket fiscale maatregelen die grotendeels vanaf aanslagjaar 2026 in werking treden. We vatten de belangrijkste wijzigingen voor jou samen.
De federale interestaftrek voor leningen voor het verwerven of behouden van een woning (andere dan de eigen woning) verdwijnt. Deze schrapping geldt vanaf aanslagjaar 2026 en viseert ook de reeds lopende leningen.
Eveneens afgeschaft:
Federale woonbonus;
Federale vermindering voor bijkomende intresten;
Federale belastingvermindering bouwsparen;
Belastingvermindering voor interesten van groene leningen.
Het belastingstelsel voor de zogenaamde ingekomen belastingplichtigen en onderzoekers wordt aantrekkelijker gemaakt door:
De verhoging van het aandeel kost eigen aan de werkgever, van 30% naar 35% van de brutojaarbezoldiging;
De afschaffing van het maximumplafond van € 90.000;
De verlaging van de minimale brutobezoldiging van € 75.000 naar € 70.000.
Deze versoepelingen zijn van toepassing op bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 1 januari 2025.
Voor niet-gepensioneerde flexi-jobbers is het fiscaal plafond voor het onbelast bijverdienen verhoogd naar € 18.000 (vanaf inkomstenjaar 2025).
De aftrekbaarheid van betaalde onderhoudsuitkeringen wordt afgebouwd: van de huidige 80% naar 70% (in 2025), 60% (in 2026) en 50% (in 2027). Bij de genieter van de onderhoudsuitkeringen wordt het belastbaar gedeelte op dezelfde wijze aangepast.
Daarnaast wordt de aftrek van onderhoudsuitkeringen enkel nog aanvaard indien de genieter inwoner is van de EER (= EU + Liechtenstein, Noorwegen en Ijsland) of Zwitserland.
Ook op het vlak van de personen ten laste worden diverse wijzigingen ingevoerd vanaf aanslagjaar 2026:
Het maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen voor kinderen (om nog ten laste te zijn) wordt voor alle kinderen (dus ongeacht de levensvorm van de ouders) vastgesteld op € 12.000 (bedrag aanslagjaar 2026).
Personen die beroepsinkomsten genieten die voor de belastingplichtige beroepskosten zijn, kunnen niet langer (door deze belastingplichtige) als persoon ten laste worden beschouwd.
Genieters van een leefloon kunnen niet langer ten laste zijn.
Studiebeurzen tellen voortaan enkel niet mee als bestaansmiddelen indien ze geen aanleiding geven tot de opbouw van sociale zekerheidsrechten.
De indexering van een aantal federale fiscale uitgaven wordt bevroren t.e.m. aanslagjaar 2030 (op niveau van aanslagjaar 2025).
Vanaf aanslagjaar 2026 wordt het belastingkrediet voor eigen middelen in de personenbelasting verdubbeld:
Tarief: van 10% naar 20%
Plafond: van € 3.750 naar € 7.500
De wetgever schrapt verschillende fiscale regimes en belastingverminderingen, zoals:
Vrijstelling voor sociaal passief n.a.v. het eenheidsstatuut (voor bezoldigingen toegekend na 30/09/2025);
Belastingvermindering voor minderwaarden n.a.v. de gehele verdeling van het maatschappelijk vermogen van een private privak;
Belastingvermindering bij tewerkstelling van huisbedienden;
Belastingvermindering voor de rechtsbijstandsverzekering;
Vrijstelling meerwaarden op bedrijfsvoertuigen (voor meerwaarden na 31/08/2025).
De belastingvermindering voor giften daalt van 45% naar 30% (vanaf aanslagjaar 2026).
De toegelaten werkgeverstussenkomst in de maaltijdcheques (toegekend vanaf 1/1/2026) wordt verhoogd van € 6,91 naar € 8,91. Hieraan gekoppeld wordt ook het aftrekbaar deel verhoogd van € 2 naar € 4 per maaltijdcheque, op voorwaarde dat de werkgever het maximumbedrag van € 8,91 betaalt.
Er wordt een nieuw fiscaal aftrekbaarheidsschema geïntroduceerd voor plug-in hybride wagens aangeschaft vanaf 1 januari 2026, uitsluitend in de personenbelasting.
Daarnaast heeft de wetgever (zowel in de personenbelasting als in de vennootschapsbelasting) de definitie van een valse plug-in hybride wagen aangepast, om rekening te houden met de nieuwe Euro 6ebis-norm.
Meer specifiek wordt een plug-in hybride wagen met een CO2-uitstoot volgens de Euro 6e-bis norm (of een latere norm) als een valse plug-in aangemerkt als die uitgerust is met een elektrische batterij die een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram van het wagengewicht of een CO2-uitstoot heeft van meer dan 75 gram (i.p.v. 50 gram) per kilometer.
De investeringsaftrek wordt op diverse punten aangepast en verduidelijkt.
Voor investeringen vanaf 1/1/2025 is er geen beperking in de tijd meer van de overdracht van de basisaftrek.
Het tarief van de verhoogde thematische aftrek wordt verhoogd van 30% naar 40% voor grote vennootschappen.
De DBI-aftrek wordt vanaf aanslagjaar 2026 ook mogelijk op groepsbijdragen die een vennootschap ontvangt van een verbonden groepsentiteit. Dit zorgt voor meer flexibiliteit bij interne verliescompensatie.
DBI-beveks en gelijkaardige beleggings- of vastgoedvennootschappen worden strenger gereguleerd:
Er komt een afzonderlijke aanslag van 5% op eerder vrijgestelde, gerealiseerde meerwaarden.
De verrekening van roerende voorheffing op ontvangen dividenden wordt beperkt als niet voldaan is aan de voorwaarde van een minimumbezoldiging.
Vanaf 1 juli 2027 komt er op uitkeringen van tweedepijlerpensioenen een bijkomende solidariteitsbijdrage van 2% op het deel van de totale kapitalen dat uitstijgt boven € 150.000 (bedrag wordt geïndexeerd).
Vanaf 2026 wordt het tarief van de Wijninckx-bijdrage drastisch opgetrokken, namelijk van 3% naar 12,5%.
De eerdere uitbreiding van de aanslag- en controletermijnen wordt grotendeels (op retroactieve wijze vanaf aanslagjaar 2023) teruggedraaid.
De 10-jarige fraudetermijn wordt terug naar 7 jaar geleid, zowel voor inkomstenbelastingen als btw.
De bewaartermijn voor boeken en bescheiden wordt eveneens teruggebracht naar 7 jaar.
De 6-jarige termijn bij semi-complexe aangiften en de 10-jarige termijn bij complexe aangiften verdwijnen.
De 4-jarige termijn in geval van niet- of laattijdige aangifte wordt behouden en tegelijk uitgebreid met de complexe aangiften.
In het kader van de strijd tegen fiscale fraude zal de fiscus binnenkort ook toegang krijgen tot het Centraal Aanspreekpunt (CAP) van de NBB voor de toepassing en controle van de jaarlijkse taks op effectenrekeningen.
Tegelijk heeft de wetgever voorzien in een uitbreiding van het toepassingsgebied van het CAP: ook rekeningen in verband met crypto-activa zullen moeten worden aangemeld.
Bovendien werden er met de Wet houdende diverse bepalingen reeds stappen gezet om datamining op het CAP mogelijk te maken.
Om dit formulier te kunnen versturen moet u het gebruik van technische cookies aanvaarden. Dat kan u hier aanpassen.
Deze cookies worden gebruikt om onderscheid te maken tussen mensen en bots. Bepaalde gegevens, zoals uw IP adres of taal, kunnen hierbij doorgestuurd worden naar Google. Meer info vindt u in onze cookieverklaring.
Julie Vantomme
Manager Tax julie.vantomme@vdl.be
Jens Van den Daele
Advisor Tax jens.vandendaele@vdl.be
Disclaimer
Bij onze adviezen baseren wij ons op de huidige wetgeving, interpretaties en rechtsleer. Dit verhindert niet dat de administratie deze kan betwisten of dat bestaande interpretaties kunnen wijzigen.
Lees onze laatste inzichten en nieuwsberichten om op de hoogte te blijven van veranderingen in jouw sector.