door Eline Demeyere en Evelien Gabriël
Op 12 maart 2026 heeft het Europees Hof van Justitie geoordeeld dat de Belgische aanvullende belasting voor niet‑inwoners (de federale opcentiemen van 7%) in strijd is met het vrije verkeer van werknemers binnen de Europese Unie (het zogenoemde Chefquet-arrest).
Niet‑inwoners die Belgische broninkomsten ontvangen, bv. loon, pensioen of huurinkomsten, vallen onder de belasting niet-inwoners (BNI).
Is België (op basis van het dubbelbelastingverdrag) ook effectief bevoegd om belastingen te heffen, dan wordt de basisbelasting berekend volgens progressieve schijven die hetzelfde zijn voor inwoners en niet-inwoners.
Het verschil zit in de aanvullende belasting:
Belgische fiscale inwoners betalen bovenop de basisbelasting een aanvullende gemeentebelasting. Het tarief voor deze belasting verschilt per gemeente en varieert tussen 0% en 9%.
Voor niet‑inwoners geldt een andere regeling. Zij betalen geen gemeentebelasting, maar worden belast via federale opcentiemen van 7%, berekend op de basisbelasting.
Deze regeling had tot doel inwoners en niet‑inwoners op een vergelijkbare manier te belasten. In de praktijk kan dit er echter toe leiden dat niet-inwoners zwaarder worden belast dan inwoners. Belgische fiscale inwoners betalen in sommige gemeenten een belasting die lager is dan 7%, soms zelfs 0%.
Volgens het Europees Hof van Justitie vormt dit verschil een belemmering van het vrije verkeer van werknemers (art. 45 VWEU).
Het Hof benadrukt dat deze belemmering niet vereist dat niet‑inwoners systematisch zwaarder worden belast. Het volstaat dat de Belgische regeling in bepaalde gevallen tot een hogere belastingdruk kan leiden, bijvoorbeeld wanneer iemand in België woont in een gemeente met 0% of lage aanvullende belasting.
Niet‑inwoners die deze aanvullende belasting hebben betaald, kunnen mogelijk aanspraak maken op een teruggaaf.
De Belgische termijn om bezwaar in te dienen, bedraagt één jaar na ontvangst van het aanslagbiljet.
Rechtspraak van het Hof van Justitie wordt beschouwd als een ‘nieuw feit’, wat ook de mogelijkheid opent om een verzoek tot ambtshalve ontheffing in te dienen. Een dergelijk verzoek kan worden ingediend binnen een termijn van vijf jaar, te rekenen vanaf 1 januari van het jaar waarin de belasting werd gevestigd.
De draagwijdte van het Chefquet-arrest reikt mogelijk verder dan de aanvullende belasting voor niet-inwoners.
In België bestaat al langer discussie over het feit dat bepaalde kustgemeenten 0% aanvullende gemeentebelasting heffen, specifiek in het kader van de belasting van tweede verblijven in vergelijking met vaste inwoners. Deze regeling wordt al jarenlang aangevochten op basis van ongelijkheid. Het arrest kan deze debatten opnieuw voeden en het bredere kader van de gemeentebelasting onder druk zetten.
Het is dus voorlopig afwachten hoe België met deze rechtspraak zal omgaan. Wij blijven deze evolutie opvolgen en staan ter beschikking voor verdere toelichting.
Om dit formulier te kunnen versturen moet u het gebruik van technische cookies aanvaarden. Dat kan u hier aanpassen.
Deze cookies worden gebruikt om onderscheid te maken tussen mensen en bots. Bepaalde gegevens, zoals uw IP adres of taal, kunnen hierbij doorgestuurd worden naar Google. Meer info vindt u in onze cookieverklaring.
Eline Demeyere
Senior Manager International eline.demeyere@vdl.be
Evelien Gabriël
Senior Advisor International evelien.gabriel@vdl.be
Disclaimer
Bij onze adviezen baseren wij ons op de huidige wetgeving, interpretaties en rechtsleer. Dit verhindert niet dat de administratie deze kan betwisten of dat bestaande interpretaties kunnen wijzigen.
Lees onze laatste inzichten en nieuwsberichten om op de hoogte te blijven van veranderingen in jouw sector.