/

/

fiscale vrijstelling eenheidsstatuut

Tax
18 februari 2019

door Els Van Eenhooge

Fiscale vrijstelling eenheidsstatuut

Bij de invoering van het eenheidsstatuut eind 2013 had de wetgever voorgenomen de bijkomende kosten, die voortvloeien uit het eenheidsstatuut tussen arbeiders en bedienden, gedeeltelijk te gaan compenseren. Deze vrijstelling werd reeds ingevoerd in 2014 en werd voorzien in art. 67 quater WIB92, maar zal pas effectief uitwerking krijgen vanaf 2019. Op de valreep werd nog gesleuteld aan de regelgeving, maar op 31 januari heeft het parlement de knoop doorgehakt en keurde de aanpassingen onverkort goed. De aanpassingen treden in werking vanaf 1/1/19.

Fiscale vrijstelling eenheidsstatuut

Voor welke werknemers?

Het fiscaal vrij te stellen bedrag inzake sociaal passief bedraagt 3 weken voor werknemers die tijdens het belastbaar tijdperk begonnen zijn aan hun 6e tot en met hun 20e dienstjaar na 1 januari 2014. Vanaf het 21ste dienstjaar wordt het vrij te stellen bedrag beperkt tot een week bezoldiging. De vrijstelling geldt eveneens voor de werknemers wiens ontslagkost niet stijgt door het eenheidsstatuut.

Maximum

Het maximale bruto maandloon dat in aanmerking komt als berekeningsbasis voor de vrijstelling bedraagt:

  • 100% van de schijf van 0,01 euro tot 1.500 euro
  • 30% van de schijf van 1.500,01 tot 2.600 euro
  • Maandloon boven de 2.600 euro heeft geen recht op een bijkomende vrijstelling

De hierboven vermelde bedragen zullen vanaf 2020 worden geïndexeerd op basis van de gezondheidsindex van januari 2019. Dit coëfficiënt wordt jaarlijks vastgelegd bij KB, na overleg met de werkgevers en werknemers.

De bruto maandbezoldiging die in aanmerking wordt genomen is gelijk aan het gemiddelde van alle bruto maandelijkse bezoldigingen die de werknemer ontvangt tijdens het belastbaar tijdperk.

Bewijs 

De werkgever moet een nominatieve lijst van de betrokken werknemers ter beschikking van de administratie houden met voor elke werknemer de vermelding van : 

  • De volledige identiteit en, in voorkomend geval, het nationaal nummer;
  • De datum van de indiensttreding;
  • De anciënniteit verworven binnen het eenheidsstatuut;
  • De bruto belastbare bezoldigingen die aan de werknemer is betaald of toegekend, met inbegrip van de sociale werknemersbijdragen.

Terugname

De berekening dient per werknemer te gebeuren.

Als de werknemer de onderneming verlaat, wordt de vrijstelling die de onderneming gedurende de jaren voor de betrokken werknemer genoten heeft opnieuw aan de belastbare winst toegevoegd in het jaar dat de werknemer de onderneming verlaat. De reden van het ontslag speelt geen rol.

Boekhouding en jaarrekening

De vrijstelling moet niet worden geboekt en zal aldus enkel via de fiscale aangifte kunnen worden doorgevoerd. De vrijstelling dient extra-comptabel te worden berekend en bijgehouden. 

Spreiden van het voordeel

De vrijstelling, die reeds in 2013 in het leven werd geroepen, werd echter door de wetgever last minute op een aantal punten aangepast. 

De vrijstelling moet volgends de nieuwe bepalingen van art. 67 quater immers worden gespreid over 5 jaar. Door deze spreiding zal de vrijstelling in praktijk administratief toch wel weer heel wat voeten in de aarde hebben.

Voorbeeld 

Veronderstel een werknemer met een gemiddelde bruto maandelijkse bezoldiging van 2.000 euro. De werknemer is 6 jaar in dienst vanaf 1/1/2014.
De maandbezoldiging die in aanmerking komt voor de fiscale vrijstelling bedraagt 1.500 euro (basis) + 30% van (2.000 euro – 1.500 euro) = 1.650 euro

Dit maandbedrag moet worden herleid naar 3 weken, namelijk het aantal weken waarvoor een fiscale vrijstelling kan worden aangelegd.
Conform art. 67quater derde lid moet de maandbezoldiging worden omgezet naar een wekelijkse bezoldiging door de multiplicator van 3/13 toe te passen. 

Het vrij te stellen sociaal passief bedraagt bijgevolg voor het belastbaar tijdperk 2019 (en de daaropvolgende tijdperken) 1.142,30 euro (i.e. 1.650 * 3/13 * 3). 

In 2019 bedraagt de vrijstelling aldus 228,46 euro (i.e. 1.142,30 euro)
In 2020 bedraagt de vrijstelling 228,46 euro (2019) + 228,46 (2020)

In 2021 wordt de maandbezoldiging verhoogd naar 2.083 euro per maand. De vrijstelling bedraagt bijgevolg 1.159,55 euro, hetzij 231,91 euro per jaar. 

In 2021 bedraagt de vrijstelling 228,46 euro (2019) + 228,46 euro (2020) + 231,91 euro (2021)

Enzoverder …

Zolang de werknemer in dienst is kan de vrijstelling worden toegepast zoals hierboven uiteengezet.

Bij verdere vragen met betrekking tot deze vrijstellingsmaatregel, aarzel dan niet om ons te contacteren via contact@vdl.be.